Ziem, Felix

  • Geboren: Beaune 1821
  • Overleden: Parijs 1911 

Felix Ziem

(Beaune 1821-1911 Parijs)
 

Felix Ziem en Venetië

Steden gelegen aan lagunes en aan vaarten in moerasdelta’s kunnen snel rekenen op bewondering van bezoekers, of ze nu klein zijn als Kampen en Brugge of groot zoals Amsterdam en Venetië. Deze laatste, de serenissima, spreekt tallozen nog zó aan dat het stadsbestuur de ongeremde toestroom aan banden legt. Venetië is een onuitputtelijk reservoir voor de verbeelding. Wie wil niet op het San Marcoplein staan voor de Kathedraal en voor het Dogenpaleis, de imposante architectuur bewonderen, op de Canale Grande of onder de Rialtobrug de gondels voorbij zien (en horen!) varen en beseffen dat hier eeuwenlang de hartslag van de geschiedenis heeft geklopt? De Republiek Venetië liet in de Middeleeuwen haar macht gelden tot ver buiten de grenzen van de stadsstaat. Hoewel Venetië de concurrentie met expansieve Europese grootmachten tenslotte niet aan kon, mocht het op cultureel vlak nog een ongekende nabloei beleven, met name in settecento, de 18de eeuw. Wanneer de Franse kunstenaar Félix Ziem (1821 – 1911) in 1842 voor het eerst voet aan wal zet in Venetië wordt hij onmiddellijk gegrepen door de mix van statige schoonheid en volkse bedrijvigheid. Nog zo’n halve eeuw lang zal hij Venetië regelmatig  blijven bezoeken om zijn sfeer, zijn nonchalante schoonheid, zijn stadsbeeld. Hij koopt er zelfs een pied-à-terre, neemt (ook daar) een maîtresse. Het schilderij dat Studio2000 aanbiedt - Le Palais des Doges vu du Canal de Grâce - mag gezien worden als blijk van bewondering voor de stad waarvan Ziem ook vele andere toppunten (San Marco-plein, Basiliek  Santa Maria della Salute,  Schiavoni-kade, Brug der Zuchten…..) op doek heeft vastgelegd.

Wie de plattegrond van Venetië erbij neemt of Google Earth raadpleegt kan de plek vinden waar Ziem zijn  ezel heeft opgesteld: in een gondel op het smalle kanaal dat de eilanden Giudecca en San Giorgio scheidt en vanwaar het centrum van Venetië, met het Dogenpaleis en de Campanilla van de San Marco, zich aan de overkant van het Canale della Giudecca vertoont. Ziem volgde graag het voorbeeld van illustere collega’s  – Daubigny, Monet – en werkte vanuit een bootje, men heeft dan het psychologische voordeel dat men meer deel uit maakt van het aquatisch landschap. Overigens is het minder waarschijnlijk dat Ziem in het bootje het palet hanteerde: hij tekende of aquarelleerde meestal en plein-air en werkte daarna de schets op doek uit in zijn atelier, niet steeds dat in Venetië maar ook wel dat van Nice, Martigues, Parijs of Barbizon. Ziem legde mappen met schetsen aan die hij in een van zijn ateliers uitwerkte tot volwaardig schilderij; ook had hij er maquettes van belangrijke gebouwen uit Venetië en het Nabije Oosten. Omdat schilder Ziem zeer succesvol was en goed verkocht, reisde hij veel en kon hij zich meerdere ateliers permitteren.

Waarom schilderde Ziem  Le Palais des Doges vu du Canal de la Grâce, niet alleen het onderhavige maar ook de varianten? Is er een bevredigender antwoord te formuleren dan “omdat hij deze plek zo mooi vond”? Anderen waren door hetzelfde stedenschoon geïnspireerd, onder wie natuurlijk de Venetianen uit de 18de eeuw Guardi en Canaletto. Maar hun schilderijen zijn duidelijk anders dan die van Ziem, het gaat hen méér om de waarneembare werkelijkheid, pittoreske binnenplaatsjes of gedetailleerde voorname gevelpartijen. Het gaat Ziem niet om dergelijke city branding. Waar dan wel om? Misschien om de magie, de sfeer, het onvergetelijke samenspel van zonlicht, lucht, water en stadsschoon dat er telkens weer om vraagt vastgelegd te worden. Misschien kan de vergelijking met een foto van een stadsgezicht of landschap dit gegeven verduidelijken. Men wordt getroffen door het unieke van een plek en wil die vastleggen; maar hoe lastig is het de doorleefde ervaring op de gevoelige plaat zó te registreren dat deze daarna de sensatie feilloos oproept. Voor Ziem is het geheel méér dan de delen. Het valt niet tegen te spreken dat alle delen in het schouwspel hun onmisbare rol spelen: de maritieme vaartuigen (varende gondels, tartaan en vrachtschip), het flankerend havengebouw links, het Dogenpaleis, de Campanilla. Maar het geheel méér is dan de delen! En dit komt door het zonlicht dat over het tafereel wordt uitgestort, dat de lucht haar helderheid geeft, het lagunewater zijn blauw-groene schakering, de gevel van het Dogenpaleis, de Campanilla en de overige bebouwing aan de overkant hun lichte beige toets. Ziem laat de kijker de veduta, het stadsgezicht meebeleven en anders, misschien wel intenser dan Guardi en Canaletto.

Het is Ziem duidelijk niet om gedetailleerde weergave van het schouwspel te doen, deze zou eerder afbreuk doen aan de op te roepen ervaring. Dat blijkt onder andere uit de manier waarop de kunstenaar het havengebouw links heeft geschilderd, eerder slordig – zo lijkt het – maar wel suggestief: prachtig hoe hij met vaal-roze en bruine vegen de ouderdom, de sleetsheid van het pakhuis oproept en hoe hij de luiken op de bovenetage een contrastrijke groene toets geeft.

Dit schilderij van Ziem heeft enige gelijkenis met marines van tijdgenoot Boudin. De twee kenden elkaar, hebben in 1868 samen aan de Normandische kust marines geschilderd.  De vluchtigheid die Ziem het vlietende water van de lagune meegeeft, de spiegelingen erin door boten en gebouwen, de nonchalance waarmee hij de pakhuismuur neerzet, de afstand die de donker gehouden gondel-taxi schept met de overkant, het alles zou van Boudin kunnen zijn. En natuurlijk de couleur locale:  enkele opvallen gekleurde zeilen, in markante houding weergegeven gondeliers, de blauwe top op de Campanilla, één witte wolkje in het overkoepelende blauwe zwerk…..      

Echter, Boudin krijgt de eer toegezwaaid het impressionisme ingeluid te hebben. Hij heeft in 1874 zelfs meegedaan met de eerste opzienbarende tentoonstelling van de groep die sindsdien de geuzennaam “Impressionisten” heeft aangenomen. Ziem wordt wèl geassocieerd aan het impressionisme maar geldt niet of nauwelijks als heraut ervan.  Maar als men naar het onderhavige Palais des Doges kijkt, lijkt er sprake van een miskenning. Wanneer Ziem niet steeds waardering krijgt van kunstcritici en niet bij de avant-garde wordt geschaard, dan is het niet omdat hij in hun ogen geen waardevol werk heeft geleverd, maar omdat hij zich in zijn lange schildersleven te weinig heeft vernieuwd. Of te veel herhaald.  Van Palais des Doges bestaan meerdere varianten, een enkele draagt een datering: 1875. Omdat het doek van Studio2000 niet gedateerd is, is het gissen naar de datum van vervaardiging, vermoedelijk kort vóór of na genoemd jaar.  Zoals ook de bestanden van het Musée Ziem in Martigues laten zien, heeft Ziem een uitgebreid oeuvre geschapen dat gretig aftrek vond bij handelaren als Bernheim-Jeune, Goupil en Theo van Gogh. De niet aflatende vraag schiep het aanbod: Ziem voldeed aan de vraag, verviel wel in herhaling, - en plaatste zich zo buiten de canon van de avant-garde.  Zoals Palais des Doges kan aantonen valt het oordeel van Clio, godin van de geschiedenis, wel eens hard uit, te hard.    

 

  • Naam: Felix Ziem
  • Geboren Beaune, Cote -d'Or 1821
  • Overleden Parijs 1911

Werken van Felix Ziem (1821-1911)

Jardin Français
Felix Ziem (1821-1911)