Meijer, Salomon (Sal)

Meijer, Salomon (Sal) Salomon (Sal) Meijer

Sal Meijer groeide op in de Amsterdamse Jodenbuurt. Zijn ouders waren diamantbewerkers en het lag dan ook voor de hand dat Sal Meijer na de lagere scjhool ook het vak in zou gaan. Door zijn beroep als diamantbewerker werd hij lid van de ANDB (Algemene Nederlandse Diamant berwerkersbond) De Bond, die onder leiding stond van de socialist Henri Polak, lukte het zowel minimumlonen als gelijke rechten voor vrouwen en mannen af te dwingen. Naast deze sociale voorzieningen schonk de ANDB veel aandacht aan kunst en cultuur. Zo werden er met regelmaat excursies naar tentoonstellingen georganiseerd. Ook werden er uitstapjes naar het Gooi gemaakt. In de avonduren genoot Sal meijer zijn tekenopleiding op de teekenschool voor Kunstambachten in de da costastraat. Na deze vierjarige ambachtelijke opleiding ging Sal Meijer in de leer bij Marie de Roode-Heijermans (1859-1937)

Pas in 1914, op 39 jarige leeftijd stopte Sal Meijer met zijn beroep als diamantbewerker en besloot zich volledig op het kunstenaarschap te richten. Meijer was jaren als enige kostwinner in huis geweest en voegde hier in 1968 aan toe: ‘Als kind wilde ik al schilder worden, maar ik had verplichtingen aan thuis. Dus bleef ik diamantbewerker en schilderde ik op zondag.’

In 1931 verhuisde Meijer vanwege de gezondheid van zijn vrouw en ‘om motieven voor het schilderen te hebben’ naar Blaricum. Samen met vrouw, zes katten en schildersezel betrok hij in het kleine huisje op Kerkpad 22 in Blaricum. Na zijn aankomst in Blaricum werd hij meteen lid van de schildersvereniging ‘Laren-Blaricum’, later werd dit ‘De Gooische Schildersvereniging’ Hier leerde hij de belangrijke Gooise schilders Hart Nibbrig en Co Breman kennen. De invloeden van beide kunstenaars zijn terug te zien in het kleurgebruik en de pointillistische penseelstreek. Sal Meijer had voorkeur voor allerdaagsche onderwerpen zoals poezen en stadsgezichten die op zijn kleine doeken weergaf. In het Gooi werden dit veelal boerderijen, schuren en villa’s die hij met een vereenvoudigde compositie weergaf. Deze simpele vormen zoals boerderijen zijn ondersgeschrikt aan de compositie van het beeldvlak. Ronde hooibergen tegenover rechtlijnige huizen en schuren. Een enkele kip lijkt opgenomen te worden door het doek. Sal meijer werkte zijn compositie van het doek met de pointilistische penseelstreek nauwkeurig uit. Sal Meijer ‘s doeken, zorgvuldig opgebouwd uit stippen, geven een dromige sfeer. Het gebruik van vernis in laatste schilderslaag, vergroot dit effect en geeft een zekere transparantheid.Titels die hij aan zijn werk gaf ‘stukje boerderij’ of een ‘dorpshoekje’ waren vaak een geografisch aanduiding.

Ondanks zijn geometische oplossingen en pontilistische techniek werd Sal Meijer vaak tot de naieve kunstenaars bestempeld. Naar mijn mening onterecht!

Als kunstenaar en als persoon was Sal Meijer in het Gooi een graag geziene gast. Veel ‘oude Blaricummers’ kennen hem nog om zijn korte markante uiterlijk en zijn plezier in het leven.Zo gaat een anekdote over Sal Meijer die in Blaricum loopt en daar een paar jongens tegenkomt waaraan hij vraagt:‘ Jongens loop ik zo goed?’ Waarop de jongens vragen: Waar moet u naar toe, meneer? Sal Meijer zegt: ‘Dat gaat je niet aan, ik vraag of ik zo goed lóóp’.

Financieel verging het Sal Meijer niet altijd evengoed zo verhuurde hij dikwijls een deel van zijn huisje aan toeristen tijdens de zomermaanden. Of hij zocht mooie boerderijen en huizen in het Gooi uit, schilderde deze en bood vervolgens de schilderijen te koop aan de eigenaar. Waarschijnlijk zijn beiden doeken op de pagina ook zo ontstaan.

 

Het leven van Sal meijer ging zoals eerder vermeld niet altijd over rozen. Zeker toen de oorlog uitbrak en de Joodse kunstenaar ondanks een gemengd huwelijk, een briefje van de arts over zijn zogenaamde hartkwalen en een vals identiteitsbewijs alsnog moest onderduiken. na de oorlog verging het Sal meijer financieel een stuk beter. Hij kreeg in het kader van BKR (Beeldende Kunstenaars Regeling) een toelage en er kwam steeds meer belangstelling voor zijn werk. In 1953 stelde zelfs het ministerie van onderweijs, kunsten en wetenschappen hem een jaarlijkse subsidie ter beschikking. ‘[ ...] In verband met Uw betekenis voor de ontwikkeling van Nederlandsche beeldende kunsten en in aanmerking genomen’

Inderdaad werden zijn schilderijen en etsen steeds meer gewaardeerd. In 1957 werd in het Stedelijk Museum een grote overzichttentoonstelling van zijn werk gehouden. Naar aanleiding van deze succesvolle expositie schreef Raoul Hynckes: ‘ Zijn schilderijen getuigen niet van een verbluffende spectaculaire pictuarale vituositeit noch van revolutionaire sentimenten, maar ontroeren u door de tederheid, de nauwgezetheid en de liefde waarmee ze geschilderd zijn. Meijer moge dan geen ontstuimig en hartstochtelijk minnaar van de natuur zijn, maar is haar trouwe en teder vriend, met een hart dat overvloeit van bewondering en nederigheid.

Sal Meijer overleed in 1965.

 

  • Naam: Salomon (Sal) Meijer
  • Geboren Amsterdam 1877
  • Overleden Blaricum 1965
  • .

Salomon (Sal) Meijer

Geboren: Amsterdam 1877.

Overleden: Blaricum 1965.

Werken van Salomon (Sal) Meijer (1877-1965)

Boerderij te Blaricum
Salomon (Sal) Meijer (1877-1965)
Dorpshoekje, Blaricum
Salomon (Sal) Meijer (1877-1965)
Verkocht