Aardappelraapsters op het land

Sadee, Philip (meer)

"Aardappelraapsters op het land"

Kunsthandel Studio2000 nummer 13644

Verkocht
Schilderij Olieverf op Doek

Philip Sadee

Geboren: Den Haag 1837 .

Overleden: Den Haag 1904.

Philip Sadee

Een van de meest karakteristieke bijdragen aan het realisme in de landschapskunst is wel de verheffing van de mens ten opzichten van het landschap. In plaats van het landschap werd nu de menselijke figuur een essentieel onderwerp en drager van een kunstwerk. Waar in de Romantiek de mens werd gezien als beschouwer of als nietige figuur in een immens en indrukwekkend landschap werd geplaatst, werd nu de verbondenheid tussen de mens en de aarde weergegeven. Dit één zijn met de natuur meenden de realisten enkel nog bij vissers en boeren terug te kunnen vinden. 

 

Dat Philip Sadée (1837-1904) de werkende vrouwen prominent als hoofdthema op het doek plaatste was vernieuwend in zijn tijd. Sadée was geboeid door dit nieuwe genre en maakte een serie schilderijen met Scheveningse aardappelrooiende en lezende vrouwen, waarvan een werk in de collectie van het Rijksmuseum werd opgenomen. Ook in enkele vroege schilderijen van Jozef Israëls en de jong gestorven Alexander Mollinger (1836-1867) nam de werkende figuur een belangrijke plaats in. Genoemde kunstenaars waren sterk beïnvloed door de Franse Barbizonschilder Jean-François Millet (1814-1875). 

 

Sadée bezocht na zijn opleiding op de Haagse academie de Romantische kunstenaarsgroep in Düsseldorf. Hij richtte zich al vroeg op genretaferelen en werd al snel een echte Haagse schoolschilder. Zijn palet bestond hoofdzakelijk uit okers en bruinen met een zilvergrijze stemming. Anders dan bijvoorbeeld in het werk van Bernard Blommers (1845-1914) speelde het sociale engagement bij Sadée een belangrijke rol. 

 

Sadée was in het gezelschap van Bernard Blommers vaak te vinden in Scheveningen en Zandvoort aan Zee. Hier vonden zij de  taferelen uit het vissersleven die hen aan het hart lagen, in het bijzonder de visafslag, het komen en gaan van de vissers en het wachten van de gezinnen op de vloot. Hij schilderde niet alleen de vreugde van de aangekomen vissers met volgeladen schepen, maar juist ook de momenten van vertrek waarbij de treurende vrouwen over het duin tuurden. Het onzekere bestaan of echtgenoten of zonen terug zouden keren. Net als Jozef Israëls schilderde Sadée ook het leed in de visserij.  In ‘Het deel der armen’ schilderde hij treffend de arme Scheveningse vrouwen zoekende naar vissen die naast de boot of uit de viskar waren gevallen. 

Vooral dit vissersgenre beleefde aan het einde van de negentiende eeuw een ware bloeiperiode. Sadée was niet alleen in Nederland maar ook internationaal op veel tentoonstellingen vertegenwoordigd. Er mag wel gezegd worden dat Sadée in zijn tijd een beroemde kunstenaar was en uiteraard vond hij navolging, onder anderen  van de Belgische schilder Henri Bource (1826-1899). Bource, die onder de indruk was van het werk van Sadée, schilderde een bijna identieke ‘terugkeer van de vissers’ in 1878. 

Tegenwoordig is het werk van Sadée nog steeds in binnen- en buitenland vertegenwoordigd in de musea. In het Rijksmuseum is een gelijksoortige voorstelling te zien met de titel ‘Scheveningse vrouwen bij het nalezen van een gerooid aardappelveld’ uit 1874. 

Dit artikel verscheen in het Studio 2000 magazine 2016-3

Meer Sadee, Philip

 

Aardappelraapsters op het land

 

Olieverf op doek

40 x 70 cm.

Gesigneerd: rechts onder

Een van de meest karakteristieke bijdragen aan het realisme in de landschapskunst is wel de verheffing van de mens ten opzichten van het landschap. In plaats van het landschap werd nu de menselijke figuur een essentieel onderwerp en drager van een kunstwerk. Waar in de Romantiek de mens werd gezien als beschouwer of als nietige figuur in een immens en indrukwekkend landschap werd geplaatst, werd nu de verbondenheid tussen de mens en de aarde weergegeven. Dit één zijn met de natuur meenden de realisten enkel nog bij vissers en boeren terug te kunnen vinden. Dat Philip Sadée (1837-1904) de werkende vrouwen prominent als hoofdthema op het doek plaatste was vernieuwend in zijn tijd.

Sadée was geboeid door dit nieuwe genre en maakte een serie schilderijen met Scheveningse aardappelrooiende en lezende vrouwen, waarvan een werk in de collectie van het Rijksmuseum werd opgenomen. Ook in enkele vroege schilderijen van Jozef Israëls en de jong gestorven Alexander Mollinger (1836-1867) nam de werkende figuur een belangrijke plaats in. Genoemde kunstenaars waren sterk beïnvloed door de Franse Barbizonschilder Jean-François Millet (1814-1875). Sadée bezocht na zijn opleiding op de Haagse academie de Romantische kunstenaarsgroep in Düsseldorf. Hij richtte zich al vroeg op genretaferelen en werd al snel een echte Haagse schoolschilder. Zijn palet bestond hoofdzakelijk uit okers en bruinen met een zilvergrijze stemming. Anders dan bijvoorbeeld in het werk van Bernard Blommers (1845-1914) speelde het sociale engagement bij Sadée een belangrijke rol. Sadée was in het gezelschap van Bernard Blommers vaak te vinden in Scheveningen en Zandvoort aan Zee. Hier vonden zij de taferelen uit het vissersleven die hen aan het hart lagen, in het bijzonder de visafslag, het komen en gaan van de vissers en het wachten van de gezinnen op de vloot. Hij schilderde niet alleen de vreugde van de aangekomen vissers met volgeladen schepen, maar juist ook de momenten van vertrek waarbij de treurende vrouwen over het duin tuurden. Het onzekere bestaan of echtgenoten of zonen terug zouden keren. Net als Jozef Israëls schilderde Sadée ook het leed in de visserij. In ‘Het deel der armen’ schilderde hij treffend de arme Scheveningse vrouwen zoekende naar vissen die naast de boot of uit de viskar waren gevallen. Vooral dit vissersgenre beleefde aan het einde van de negentiende eeuw een ware bloeiperiode. Sadée was niet alleen in Nederland maar ook internationaal op veel tentoonstellingen vertegenwoordigd. Er mag wel gezegd worden dat Sadée in zijn tijd een beroemde kunstenaar was en uiteraard vond hij navolging, onder anderen van de Belgische schilder Henri Bource (1826-1899). Bource, die onder de indruk was van het werk van Sadée, schilderde een bijna identieke ‘terugkeer van de vissers’ in 1878. Tegenwoordig is het werk van Sadée nog steeds in binnen- en buitenland vertegenwoordigd in de musea. In het Rijksmuseum is een gelijksoortige voorstelling te zien met de titel ‘Scheveningse vrouwen bij het nalezen van een gerooid aardappelveld’ uit 1874.

 

Meer werken van Philip Sadee (1837-1904)

Terugkeer van de vissers
Philip Sadee (1837-1904)
Verkocht
Aardappelraapsters op het land
Philip Sadee (1837-1904)
Verkocht