Kunstenaars van Studio 2000

Piet van Wijngaerdt

Van Wijngaerdt stond bekend als een moderne kunstenaar; vanwege zijn non-traditionele werk werd hij in 1911 samen met Leo Gestel, Jan Sluijters en Piet van der Hem door de behoudende vereniging Arti et Amicitiae uitgesloten van lidmaatschap. Van Wijngaerdt en Le Fauconnier raakten begin 1915 bevriend en een jaar later richtten ze samen de kunstenaarsvereniging ‘Het Signaal’ op. Bij de eerste tentoonstelling van Het Signaal verscheen de tekst ‘De Nieuwe Schilderkunst’ van de hand van Van Wijngaerdt, waarin hij het verzet van jonge schilders tegen het impressionisme beschreef. De inhoud van het artikel kwam op meerdere plaatsen bijna letterlijk overeen met het vier jaar eerder verschenen stuk van Le Fauconnier. Van Wijngaerdt beschreef dat de schilderkunst veranderde onder invloed van de moderne tijd met snelle vervoermiddelen, elektriciteit en uitvindingen. Kunstenaars gaven er met onverwachte kleurcontrasten, nieuwe composities en meer gevarieerde onderwerpen uitdrukking aan. Hij vond echter dat het beter kon. Zijn ‘nieuwe schilderkunst’ had meer innerlijkheid en expressieve kracht, wat bereikt kon worden door een nieuw gebruik van kleur, licht en donker en vorm. Deze nieuwe kunst bleef overigens wel figuratief.

In een analyse van zijn werk in 1930 schreef W.F. Douwes over ‘een rasechte Hollander die in zijn schilderijen de Hollandse traditie hoog houdt.’ Hoewel hij de Franse Barbizonschilders Corot en Courbet en daarnaast Cézanne hoog achtte, bewonderde hij ook het werk van Van Gogh en was hij bevriend met Breitner met wie hij adviezen en tips uitwisselde. Aan het begin van de eeuw schilderde Van Wijngaerdt veel buiten Amsterdam, in het huidige Buitenveldert en rond Amstelveen, waar hij jonge collega’s als Colnot en Filarski ontmoette. Zij waardeerden zijn werk en de manier waarop hij de brede toets opzette. In Elseviers Geillustreerd Maandschrift schreef Slagter dat Van Wijngaerdt in 1919 het stadion van het impressionisme definitief voorbij was. Er laait een donkere golf van hartstocht door het werk van Piet van Wijngaerdt. Dit werk is zwaarmoedig en donker van kleur, op het zwarte af, nog geaccentueerd door een enkele heel lichte noot. Hij zoekt een zo eenvoudig mogelijke constructie, die tevens de innigste zegging is van het belangrijke in zijn onderwerp.’ Ernst Groenevelt prees in Het Getij, Maandschrift voor Jongeren vooral het universele karakter van zijn kunst: de Hollandse landschappen zijn geen traditionele ‘klein-provinciale, puur-individuele’ beelden meer van ‘het koetje op het weitje en het molentje aan een watertje’, maar algemeen-menselijke ‘natuur-reflexen’, waarbij de kleur in haar volle diepte tot de hoogste sensatie is opgevoerd. Geheimzinnige donkerheden en van vreugde schaterende luchten bekampen elkaar zooals immers heel het diep-menschelijke leven uit deze contrasten bestaat’.

Van Wijngaerdts tekst over de nieuwe schilderkunst wordt ook wel beschouwd als theoretische basis voor het gematigde expressionisme waarin veel kunstenaars in Amsterdam (en later in Bergen) al dan niet tijdelijk gingen werken. Hun werk werd gekenmerkt door diepe verzadigde kleuren en sterke licht-donkercontrasten, massieve vormen met weinig details, een grove penseelstreek en een gebruik van overwegend aardetinten, hier en daar aangezet met felle kleuraccenten. Vooral het landschap en het stilleven, maar ook figuren en portretten waren populaire onderwerpen. Hoewel de werken een lichte kubistische vervorming van het landschap en voorwerpen laten zien, is de basis expressionistisch en vertolkte de kunstenaar zijn persoonlijke beleving van datgene wat hij waarnam in het schilderij.

Kunstwerken te koop

Geen werk gevonden

Neem contact op

Contact