Hendrik Wiegersma
In het begin van de jaren 1920 ontmoette Hendrik Wiegersma drie kunstenaars die de loop van zijn leven zouden veranderen: Moissey Kogan, Ossip Zadkine en Otto van Rees. Vanaf dat moment begon zijn artistieke talent te bloeien. Vandaag de dag wordt Wiegersma beschouwd als de belangrijkste kunstenaar die Deurne ooit gekend heeft en als een van de toonaangevende figuren van het Peelland. Tegelijkertijd had hij een grote invloed als arts, met name door het terugdringen van de kindersterfte in Deurne.
In 1928 kreeg hij zijn eerste grote tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Zijn huis, De Wieger, werd al snel een bruisende ontmoetingsplaats voor kunstenaars. Otto van Rees, Zadkine, Joep Nicolas, Piet en Matthieu Wiegman, Henri Jonas, Constant Permeke, Jozef Cantré en Toon Kelder behoorden tot de vaste bezoekers. Via Van Rees raakte Wiegersma betrokken bij de vormgeving van het tijdschrift De Gemeenschap, waarvoor hij tien omslagen maakte. Ook ontwierp hij boekbanden voor auteurs als Hubert Janssen en Antoon Coolen.
Wiegersma zou uitgroeien tot een van de sleutelfiguren van het Nederlandse expressionisme. Tegenwoordig vormt zijn werk de kerncollectie van Museum De Wieger in Deurne.
